Kerk: Tsjerke op 'e Terp


De kerk staat op de top van de terp en vormt het centrale punt van het dorp. Hij dateert uit omstreeks 1250 en is gewijd aan Jariglulfus. Tot 1580 was het een Rooms Katholieke Kerk. Vanaf 1816 werd het de Nederlands Hervormde Kerk en sinds de fusie van de beide kerken: Tsjerke op 'e Terp.

De noordmuur is nog echt Romaans. Een zware, meters dikke van grote Friese bakstenen gebouwde muur, met een paar smalle ramen. Boven in de muur zijn fraaie kraagstenen (consoles) aangebracht in de vorm van mensen en dierengezichten. Er is duidelijk te zien dat de muur later is verhoogd.

In de zuidmuur zijn ook consoles aangebracht. De ramen zijn veel groter en breder dan in de noordmuur en lopen op een spits uit. Men noemt dit gotisch. Het dak is nu bedekt met normale pannen maar vroeger lagen er zogenaamde monniken en nonnen op. Zie de kerk in Oostrum.

Het koor was vroeger rond, maar is nu kantig. Hierin bevindt zich ook een kleine deur.

Aan de muur van de kerk hangen negen ruitvormige rouwborden ter herinnering en ter ere van de grootgrondbezitters. Hierop zijn de familiewapens aangebracht. Deze borden werden meegedragen wanneer de rouwstoet zijn rondjes om de kerk liep om de duivel te misleiden. Na de begrafenis kwamen de borden weer op hun plaats aan de muur te hangen. Ook hangt aan de noordmuur nog een marmeren epitaaf ter nagedachtenis aan Snellinger van Mekhama. Aan weerszijden staat een jongetje met een fakkel in zijn hand. Ook de twee doodshoofden wijzen op de vergankelijkheid van het leven.

De westmuur werd afgesloten met een toren. Deze is veel jonger dan de rest van de kerk. De toren had eerst een zadeldak. In 1870 werd deze vervangen door een spitse toren. De toren is vanaf de grond 36 meter hoog en is een baken in het landschap.

Tot 1923 had de kerk een Gruisen-orgel. Dit orgel was geschonken door Eelkje Reinders, die getrouwd was met Elke Meindertsma. De familie schonk ook nog een stuk land om te kunnen verhuren, zodat men daarmee het onderhoud kon betalen. Toen de kerk in 1923 geld te kort kwam is het orgel verkocht naar Klazinaveen. Het orgel is nu in Burg (Zeeland). Het huidige orgel kon worden aangeschaft dankzij een donatie van de familie Meindertsma.

Bijzonder zijn ook de drie herenbanken. Ze zijn gemaakt in opdracht van het geslacht Obbema, Douma en Holdinga. De banken zijn versierd met fraai houtsnijwerk.

Onder de kerk zijn grafkelders aanwezig. Wanneer er mensen waren begraven in de kelders, was het beslist geen pretje om bij heet weer in de kerk te zitten. Er heerste een ontzettende stank. Vandaar ook de naam rijke stinkerds. In de kerk zijn liggen ruim 50 grafstenen.

Dokter Jarl Ruinen. Op het kerkhof rond de tsjerke op 'e terp staat een bijzonder monument ter nagedachtenis aan de slachtoffers uit de Tweede Wereldoorlog. Dokter Jarl Ruinen was huisarts in Ee tentijde van de oorlog en heeft veel gedaan om Joodse mensen een onderduikadres te geven. Tijdens de oorlog werd dokter Ruinen opgepakt wegens zijn verzetsactiviteiten.

Op 19 januari 1945 wordt bij De Valom een hoge Duitse officier gedood bij een poging van het verzet om mensen van het verzet uit de handen van de Duitsers te bevrijden. Als represaille voor de overval worden op 22 januari 1945 bij Dokkum 20 mensen gefusilleerd, waaronder dokter Ruinen.

Basisschool De Gearing heeft dit monument geadopteerd. Ieder jaar op Dodenherdenking wordt er bij deze gedenksteen een krans gelegd en wordt er stilgestaan bij de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog.

De Tsjerke op 'e Terp kan bezichtigd worden. U kunt daarvoor contact opnemen met dhr. J. Broersma, telefoonnummer: 0519 518669.

Lees Meer

Vlasmuseum It Braakhok


Een pitoresk houten gebouw aan de rand van het beschermde dorpsgezicht in Ee, maar groot genoeg voor een rondleiding van een uur. Het is geen statische rondleiding, maar u wordt uitgenodigd mee te werken, zodat u kunt ervaren hoe zwaar het werk was dat hier vroeger gedaan werd: repelen, braken, zwingelen, enz. Allemaal bewerkingen om van vlas ongesponnen vlaslinnen te maken.

Het Vlasmuseum in Ee is ondergebracht in een 'schuurtje', waarin vroeger ook een echt "braakhok" gevestigd was. In de wintermaanden werkten hier mensen, die moeite hadden rond te komen. Het was eigenlijk een sociale voorziening.Van de 16 Braakhokken in Oost Dongeradeel is het Vlasmuseum in Ee de enige overgebleven in zijn soort. In de wintermaanden werd er niet gerepeld, dat gebeurde al eerder, vlak na de oogst. Bij het repelen worden de zaadbolletjes van de vlasstengels verwijderd. De zaden werden (en worden) nog steeds gebruikt voor de productie van lijnolie, dat veel gebruikt werd in de verfindustrie. De uitgeperste lijnzaden werden verwerkt tot lijnkoeken. Het vee, dat deze koeken gevoederd kreeg, kreeg een mooie glimmende vacht.

De tweede bewerking vond in de herfst vlak na de oogst plaats: het roten. De bewerking bestond eruit het vlas zo'n dag of tien nat te houden teneinde de houterige delen van de stengel te laten rotten, terwijl de kostbare linnenvezel heel zou blijven. Te kort roten betekende dat de houterige delen niet los wilden laten, te lang roten hield in dat ook de vezel verrotte.

In het braakhok was de eerste bewerking het braken, eigenlijk het breken. Het gerootte vlas, dat een dag of tien had liggen 'rotten' onder water, moest ontdaan worden van de houtdelen van de stengel. Heel vroeger gebeurde dat met een grote beukenhouten klos (en daar komt inderdaad het gezegde 'de beuk erin' vandaan). In latere tijden deed men dat met een zogenaamde rolbraak. Het werk ging daardoor een stuk sneller, maar het bleef ontzettend zwaar werk (als u langskomt, mag het u het zelf proberen....)

De volgende behandeling van het ruwe vlaslinnen is het zwingelen. De laatste houterige deeltjes moeten uit de zo waardevolle vezels worden verwijderd. Men gebruikte daarvoor een zwangelmolen, een snel draaiend schoepenrad. Door de vezels voor de schoepen te houden, werden de laatste houtrestjes uit de vezels verwijderd. Dit was zwaar werk, de schoepen draaien rakelings voor de vingers/handen langs... (En dat laten we u dus niet proberen). Maar wordt u uiteraard wel voorgedaan.

De laatste bewerking is het kammen van het vlas. Door deze bewerking werden de korte vezels verwijderd, die waren niet interessant voor de spinnerij of weverij. Als laatste werden de bosjes vlaslinnen samengeknoopt tot een zogenaamde pop, een bundel vlas van ongeveer zeven pond. Een handige werker kon per dag ongeveer 6 tot 7 poppen vervaardigen.

In 2002 werd er voor het eerst sinds lange tijd weer vlas verbouwd in Ee. Een gedeelte van de oogst zal door het museum gebruikt worden voor demonstratiedoeleinden en het tweejaarlijkse N.K. Vlasrepelen in Ee. Bloeiend vlas kunt u herkennen aan de prachtige blauwe bloemen die in juli/augustus rondom de boerderij van de fam Wilman in Ee te vinden zijn. U bent van harte uitgenodigd om een kijkje te nemen in het enige vlasbewerkingsmuseum dat Nederland rijk is.

Het Vlasbewerkingsmuseum It Braakhok is vanaf nu alle dagen geopend voor bezoekers. Voor meer informatie hierover kijk op de website van It Braakhok.

Lees Meer

Beschermd Dorpsgezicht


Het dorp Ee bezit een hoge ouderdom, want reeds in de 10e eeuw bestond het dorp. De dorpskern is bijna geheel in tact gebleven. Op de drie meter hoge terp schittert de Tsjerke op 'e Terp. Rondom de kerk ligt de Omgong met fraaie bebouwing. Vanaf de Omgong lopen de Loanen, de Haven en de Keareweare naar de voet van de terp. Karakteristieke bebouwing aan de afhellende smalle klinkerstraatjes levert een intiem dorpsbeeld op.

In de na-oorlogse jaren trad leegstand en verkrotting op. Gelukkig besloot het gemeentebestuur van de toenmalige gemeente Oostdongeradeel in 1971 een bestemmingsplan voor dit dorpgebied te ontwikkelen en kreeg Ee de status van beschermd dorpsgezicht.

In de jaren die volgden werden talloze panden gerestaureerd en opgeknapt. Wie nu een wandeling door Ee maakt waant zich terug in de tijd. Ee een dorp om verliefd op te worden.

Lees Meer

Historie


Foeke Sjoerds, geboren in 1713 in Ee, heeft zich ontplooid tot schrijver en beweerde dat Ee of Aa de algemene benaming is van water, volgens de oude Duitse taal. Naamkundigen van nu zeggen dat Ee is afgeleid van het Latijnse aqua, wat ook water betekent. In Oud Gotisch is het Latijnse 'aqua' verbasterd tot het woordje aha, wat alweer een stapje dichter bij Ee komt.

Ee moet al bestaan hebben voor het jaar 900, want in 1980 zijn er resten van grijs gekneed aardewerk gevonden, wat dateert uit die tijd. Blijkens een giftbrief aan het klooster 'Fulda' (Duitsland) in de 10e eeuw, bestond het dorp reeds onder de naam Édinwarfe.

Ee is een terpdorp (d.i. een kunstmatig opgehoogde woonheuvel), drie straten komen uit bij de kerk waaronder de drie "loanen": Lytse Loane, Greate Loane en Hege Loane. De kerk staat precies in het midden en vormt het centrum van het dorp. Het is een monument en moet rond 1250 gebouwd zijn. Het is een Romaans-Gotisch bouwwerk. Vlak naast de kerk, aan de Omgong, staat de Uniasate. Dit is een kop-hals-rompboerderij uit 1815, die fraaie pilasters in de achtermuur van het bedrijfsgedeelte heeft.

Zoals gezegd is de oude dorpskern gebouwd op een geheel in tact gebleven terp. Later werd de bedijking ter hand genomen om overstromingen van de Lauwerszee te voorkomen. Helaas gebeurde dit niet bij zeer hoge waterstanden. Zo eiste de 'Allerheiligenvloed', één der meest beruchte overstromingen, in het jaar 1570 in het dorp Ee 130 mensenlevens. Aanleg en verhoging van zeedijken en de afsluiting van het 'Dokkumer Grootdiep' als zeearm middels de bouw van zeesluizen te Dokkumer Nieuwe Zijlen, beveiligde het dorp en omgeving tegen dergelijke overstromingen c.q. watersnoodrampen.

Voor 1600 voeren de Mockema's de boventoon in Ee. Ze voeren een felle strijd tegen de Saksers, die in 1499 Friesland zijn binnengevallen. De Mockema's trekken zich niets aan van graaf Hugo von Eisenach, de stadhouder Mockema houdt 12 mensen binnen zijn boerderij (Mockema stins) die zeer gevaarlijk zijn voor de Saksers. Maar graaf Hugo slaat de stins op Groot Medhuizen (gehucht boven Ee) niet over: Op 21 april zien de mannen van Mockema een groot leger aankomen, onder leiding van Schelto Tjaerda, Taeko Heemstra en Tjalling Lieuwes Jellinga. De aanval breekt los, maar de muren van de Mockema Stins zijn te sterk voor het leger, en de mannen op de stins verdedigen zich dapper. Maar graaf Hugo laat het er niet bij zitten en roept een honderd man versterking op, die een paar kanonnen meeslepen. Nadat de stins zwaar is beschoten met dit grof geschut gaten in de muren zijn gevallen, vallen ze om. De mannen van Mockema geven zich over. Ze worden weggevoerd naar de Sjaardema stins te Franeker, waar ze worden opgeslote. Vier mannen worden geradbraakt en twee worden gepaald.

In 1568 vallen de Spanjaarden ons land binnen en vanaf 1580 vindt de overgang plaats van de roomse naar de protestantse godsdienst. Lieuwe van Wytsma, wonende op Obbema sate, weigert zijn roomse godsdienst op te geven. Daarom houdt hij voortaan 's avonds in het diepste geheim samenkomsten. Op een zekere avond worden ze ontdekt en vluchten de mannen. Lieuwe Wytsma en zijn vrouw Teth van Eminga, vluchten naar Leuven in België. Hier overlijdt Wytsma in 1619. De weduwe en kinderen gaan weer naar de Obbema stins terug. Hun zoon Gerryt overlijdt in 1652 en ook hij is het roomse geloof trouw gebleven. Zijn ruitvormige rouwbord hangt in de Hervormde Kerk.

In 1750 telde het dorp 484 inwoners. In 1795 vallen de Fransen ons land binnen die voor vernieuwingen in het bestuur zorgen. Zo wordt de oude grietenij in mairieën gedeeld; een soort dorpsburgemeester die de functie van de grietman heeft overgenomen. Naast Metslawier en Anjum krijgt ook Ee zijn maire.

Net als de Spanjaarden verdwijnen ook de Fransen weer. Nu gaat de gemeenschapszin zijn intrede doen. Er worden veel verenigingen opgericht; in Ee is dat o.a de muziekvereniging Melodia Oranje. Er wordt zelfs een geitenfokvereniging opgericht die als naam "de Melkbron" meekrijgt. Maar het is ook een minder mooie tijd. Hier is de doleantie de oorzaak van.

In 1879 heeft het dorp 1085 inwoners, in 1889 zijn dat er 993. Hier is de landbouwcrisis van 1878 de oorzaak van. In de jaren hiervoor hebben de boeren gouden jaren gekend, maar nu komen de magere jaren. Nederland kan niet meer concurreren met de prijzen van het buitenland. Hierdoor is ook de zuivelfabriek opgericht.

Tot 1940 kent Ee een echte boerenbevolking, afgewisseld door landarbeiders, askruiers, broodventers, smeden, timmerlieden en een kleine middenstand, de laatst genoemde grotendeels door weduwen gevormd.

In deze tijd wordt de dienst in het dorp uitgemaakt door de hoofdelingenstand (erflieden en hereboeren) Uit deze groep worden ook de grietmannen gekozen, onder hen staan de eigenerfden, die ook stemrecht bezitten. De gewone burgers hebben geen stemrecht, zelfs niet in de kerk. Er is hier dus duidelijk sprake van standsverschil. De hoge stand (boerenbevolking) draagt veel goud en zilver en laat zich vervoeren per rijtuig. De lagere standen gaan eenvoudig gekleed en dragen weinig of helemaal geen sieraden. Zo kon een zoon van een arbeider kon onmogelijk trouwen met de dochter van een boer. Stand trouwde met stand. Maar ondanks het standsverschil trok men toch veel met elkaar op en hielp men elkaar zoveel mogelijk.

Vanaf 1950 begon het aantal inwones terug te lopen van 1284 tot de ruim 800 inwoners momenteel. In de na-oorlogse jaren trad leegstand en verkrotting op. Gelukkig besloot het gemeentebestuur van de toenmalige gemeente Oostdongeradeel in 1971 een bestemmingsplan voor dit dorpsgebied te ontwikkelen om in samenwerking met de Rijksdienst voor Monumentenzorg het specifieke karakter veilig te stellen middels renovatie, restauratie en rehabilitatie van zowel de opstallen alsmede van de woonomgeving. Er werden in de jaren daarna veel panden gerehabiliteerd door een actief gemeentelijke aanpak. Na de gemeentelijke herindeling werd die taak overgenomen door de stichting 'Stads- en Dorpsherstel', maar ook door particulieren. Eveneens werd de woonomgeving aangepast. Het hart van het dorp werd weer gezond. De woonwaarde was veilig gesteld. Leegstand en verkrotting behoorden tot het verleden. Het steeds dalende inwonertal kwam tot stilstand omdat het woonmilieu aanmerkelijk was verbeterd. De dorpsbevolking die gehecht is aan zijn plaatselijke omgeving en de natuurlijke aanwas van de dorpsbevolking bleef wonen en verhuisde gelukkig niet naar een ander dorp of stad. Er kwam zelfs een vermeerdering aan het inwonertal opgang, omdat forensen zich gingen vestigen in gerehabiliteerde panden, waardoor de levensvatbaarheid van het dorp aanzienlijk werd verbeterd. Dit woonklimaat zal in stand moeten blijven en waar nodig en mogelijk aangepast, zodat het in de toekomst aantrekkelijk blijft in deze woongemeenschap te leven.

Met dank aan D. A. Zwart, historicus

Lees Meer

Over het dorp


Ee of Ie, slechts twee letters. Bovenin het noordoosten van Friesland ligt dit fraaie terpdorp. Ee kent al een lange geschiedenis, want reeds voor het jaar 900 moet er al bebouwing zijn geweest. Ee duidt op het Latijnse aqua, wat water betekent. Zelfs een van de straten heet Haven. Tot hier moet het vroeger mogelijk zijn geweest om met de schepen het dorp te bereiken.

Ee is een prachtig bewaard gebleven terpdorp, vier straten komen uit bij de kerk op de terp waaronder de drie "loanen": de Lytse Loane, de Grutte Loane en de Hege Loane. Daar staat de monumentale kerk, tegenwoordig Tsjerke op 'e Terp genoemd. De kerk moet rond 1250 zijn gebouwd. De toren is veel jonger. Vlak naast de kerk staat de Uniastate, een kop-hals-romp boerderij uit 1815. Aan de Omgong staat ook nog het fraai gerestaureerde Hege Hûs.

Een andere bezienswaardigheid is de oude Hervormde Pastorie aan de Stienfeksterwei. Thans niet meer in gebruik als pastorie. Aan de Uniastrjitte 32 staat nog een fraai skoallemastershûs. Aan de Stienfeksterwei staat de Eben Haëzer Tsjerke met bijbehorende pastorie. Rondom Ee zijn nog talloze fraaie boerderijen grotendeels in originele staat.

Tot 1940 kende Ee een echte boerenbevolking, afgewisseld met landarbeiders en een behoorlijke middenstand. De boerenbedrijven zijn gebleven, maar door mechanisatie zijn de landarbeiders verdwenen. De middenstand is steeds verder gekrompen. Daarentegen bruist het van de nieuwe bedrijven.

Lees Meer

Hoofd-, Sub- en Sponsorgroep


Lees Meer

Standen


Voor actuele standen verwijzen we u naar Voetbal.nl.

Lees Meer

Uitslagen


De uitslagen en wedstrijdverslagen zijn vanaf de nieuwe website te vinden op de Home pagina. 

Gebruik de zoekfunctie links bovenin om een specifieke uitslag of westrijdverslag uit het verleden op te zoeken. 

De uitslagen en wedstrijdverslagen van 2005 t/m 2008 zijn beschikbaar bij het bestuur.

Lees Meer

Wedstrijdlijst Junioren 2014


Lees Meer

Wedstrijdlijst Senioren 2014


Lees Meer