Aankomende activiteiten

Beschermd dorpsgezicht

Het dorp Ee bezit een hoge ouderdom. Blijkens een giftbrief aan het klooster 'Fulda' (Duitsland) in de 10e eeuw, bestond het dorp reeds onder de naam Édinwarfe.

De oude dorpskern is gebouwd op een geheel in tact gebleven terp (d.i. een kunstmatig opgehoogde woonheuvel). Later werd de bedijking ter hand genomen om overstromingen van de Lauwerszee te voorkomen. Helaas gebeurde dit niet bij zeer hoge waterstanden.

Zo eiste de 'Allerheiligenvloed', één der meest beruchte overstromingen, in het jaar 1570 in het dorp Ee 130 mensenlevens. Aanleg en verhoging van zeedijken en de afsluiting van het 'Dokkumer Grootdiep' als zeearm middels de bouw van zeesluizen te Dokkumer Nieuwe Zijlen, beveiligde het dorp en omgeving tegen dergelijke overstromingen c.q. watersnoodrampen.

In 1750 telde het dorp 484 inwoners. Vanaf 1950 begon het aantal terug te lopen van 1284 tot 964 inwoners momenteel.

De oude dorpskern heeft een specifiek karakter door de ligging op een 3 meter hoge terp.

dorpsgezicht1.jpg

Karakteristieke bebouwing aan de afhellende smalle klinkerstraatjes levert een intiem dorpsbeeld op. In de na-oorlogse jaren trad leegstand en verkrotting op. Gelukkig besloot het gemeentebestuur van de toenmalige gemeente Oostdongeradeel in 1971 een bestemmingsplan voor dit dorpsgebied te ontwikkelen om in samenwerking met de Rijksdienst voor Monumentenzorg het specifieke karakter veilig te stellen middels renovatie, restauratie en rehabilitatie van zowel de opstallen alsmede van de woonomgeving. Er werden in de jaren daarna veel panden gerehabiliteerd door een actief gemeentelijke aanpak. Na de gemeentelijke herindeling werd die taak overgenomen door de stichting 'Stads- en Dorpsherstel', maar ook door particulieren. Eveneens werd de woonomgeving aangepast. Het hart van het dorp werd weer gezond. De woonwaarde was veilig gesteld. Leegstand en verkrotting behoorden tot het verleden. Het steeds dalende inwonertal kwam tot stilstand omdat het woonmilieu aanmerkelijk was verbeterd.

dorpsgezicht2.jpg

De dorpsbevolking die gehecht is aan zijn plaatselijke omgeving en de natuurlijke aanwas van de dorpsbevolking bleef wonen en verhuisde gelukkig niet naar een ander dorp of stad.

Er kwam zelfs een vermeerdering aan het inwonertal opgang, omdat forensen zich gingen vestigen in gerehabiliteerde panden, waardoor de levensvatbaarheid van het dorp aanzienlijk werd verbeterd. Dit woonklimaat zal in stand moeten  blijven en waar nodig en mogelijk aangepast, zodat het in de toekomst aantrekkelijk blijft in deze woongemeenschap te leven.